
Tijdens een psychotherapeutische pelgrimstocht toont frustratie zich als een waardevolle leraar voor volwassenwording en heelheid. Op onze somatische retreats ervaar je je eigen diepgang pas echt. De natuur is een krachtige thuisomgeving voor schaduw- en zielswerk.
“Heb je weleens frustratie gekend?” Een bedachtzame stilte. “Ja.” Klinkt het onderzoekend en gedecideerd tegelijk. Het pad, breed genoeg om een brandweerauto toegang te verschaffen tot de dieper gelegen delen van het bos, maakt het mogelijk om naast elkaar te lopen. Af en toe voert de weg langs een liggende silo met een code op de zijkant, ons herinnerend aan de indrukwekkende infrastructuur die is aangelegd om het bos te beschermen tegen de allesverzengende droogte tijdens de zomer. Een droogte die makkelijk om kan slaan in vuur en vlam. Een passende plek om het over frustratie te hebben.
“Dat geloof ik ook.” Het is het type gesprek dat verder gaat dan woorden. Het type gesprek waarin er met elkaar wordt meegevoeld in de stiltes. Dus wanneer ik toegeef dat frustratie geen onbekend thema in mijn leven is, zijn de scenes die ik voorbij liet komen in mijn geest gedeeld nog voor er klanken over mijn lippen rolden.
Psychotherapeutische pelgrimstocht
Het vasten, gecombineerd met het actief zijn in de buitenlucht, doet ook zijn werk. In twee dagen tijd zijn we vijftig kilometer verder. Nog anderhalf uur lopen en we zijn rond. Terug bij de allereerste grot van de ochtend ervoor, waar we die avond in zullen overnachten. De grot is dusdanig diep dat we het morgenochtend niet licht zullen zien worden.
Het feit dat je niet bezig hoeft te zijn met de volgende maaltijd geeft heel veel lucht aan de dag. De gesprekken, de plekken binnen en buiten de aarde, de telkens veranderende sfeer bij elk nieuw stuk natuur dat we doorkruizen, krijgen zo de volle aandacht. Misschien komt dat ook door het gevoel van onbegrensde tijd. En met elke kilometer wordt het lijf leger, de geest geruislozer. Zodat er steeds minder overblijft. Alleen wat telt.
“Wat gebeurt er als je je gefrustreerd voelt?” En ik realiseer dat ik de neiging heb om snel over mijn frustratie heen te stappen. Te negeren als de ongenode gast op een feest. Zodra de eerste rusteloosheid, vaak een aankondiger van frustratie, in mijn lijf voelbaar wordt kies ik wat ik doe. Als ik de angel uit de situatie kan halen voor de frustratie kan aanzwellen, zal ik dat doen. Vaak nog voor ik er zelf erg in heb. Is de bron van de frustratie een gegeven, dan zal ik kijken of ik er niet met een sierlijke huppel overeen kan springen. De diep gapende kloof latend voor wat hij is. Mijn aandacht richtend op de gunstige bijeffecten die de situatie voortbrengt. Zoals dat het mij beter maakt in springen.
Het pad voert verder. Het gesprek ook. Ik beken dat ik het moeilijk vind om onderscheid te maken wat frustratie nodig heeft. Zoals wanneer de frustratie het verdient om ervoor in het verweer te komen, te gaan staan voor wat het is dat je wilt. In een moedige poging op te komen voor de onderliggende behoefte die in de knel is gekomen. En wanneer het de kunst is om de frustratie te verduren, wetende dat het ongemak je iets te leren heeft dat van belang is.
“Dat verbaast me niet. Zoals ik je heb leren kennen heb je vroeger niet echt geleerd om te gaan met je frustratie. Je halfzussen waren een stuk ouder dan jij, en kwamen bovendien maar eens in de twee weken een weekend langs, dus met leeftijdsgenoten was het niet zo makkelijk om daarmee te oefenen. Letterlijk van je af te duwen. En als ik je over je ouders hoor vertellen, krijg ik ook niet het gevoel dat je daar goed ontmoet kon worden in je frustratie.” We pakken de situatie verder uit. Gaandeweg groeit het besef dat in mijn omgang met frustratie belangrijke kansen liggen voor verdere volwassenwording. Om mijn eigenbelang meer te tonen zodat ik minder ‘achter de schermen’ bezig hoef om invulling te geven aan wat ik belangrijk vind. Nog tijdens het gesprek voel ik het donkere gewicht van de opgave (“dit gaat niet eenvoudig voor me worden”) en de lichte reikwijdte van het perspectief (“als ik dit beter leer doen, gaat het me heel veel brengen”). Niet verwonderlijk dat de schemering juist dit moment heeft gekozen om de nacht in te luiden.
In de schaduw van de grot
In het donker vinden we onze weg naar boven. Mijn hoofdlampje schijnt met de subtiliteit van het groot licht van een gemiddeld formaat sedan. De meerdere paden die de heuvel opvoeren, maken het nog even zigzaggen tot we ‘onze grot’ weer hebben teruggevonden. De grot voelt als een thuis. Een gevoel dat verder teruggaat dan onze kennismaking met deze plek, zo’n 36 uur eerder. Na het opzetten van ons kampementje besluiten we wat hout te sprokkelen voor een vuur. Dat kan sneller dan je zou verwachten: het uitspreiden van een zeil over de vloer en het uitpakken van ons matje en slaapzak is alles wat ervoor nodig is om ons gereed te maken voor de nacht. Terwijl het vuurtje brandt wacht ik tot de lijm is uitgehard van mijn zojuist gerepareerde luchtmatje. Die was de nacht ervoor leeggelopen op een scherpe hoek van een steen.
Ik moet glimlachen wanneer ik zie hoeveel deze scene me leert over hoe lichtvoetig ik frustratie in mijn schaduw zet. Het nachtelijke leeglopen van mijn luchtbed betrof één van de duurste items van mijn kampeeruitrusting. Eindelijk had ik het mezelf gegund om mijn 20 jaar oude matje te vervangen voor een onderlegger die mijn inmiddels ook twee decennia oudere lichaam zou kunnen waarderen. Voor het eerst had ik het mij gegund om in een hoogwaardiger segment te zoeken dan de Decathlon te bieden heeft, en uitgerekend daarop liggend hoor ik om half drie, terwijl de wassende maan net achter de horizon is verdwenen, een gesis. Met een vinger op het ontstane gaatje probeer ik naar goed Hollands gebruik het leeglopen nog te vertragen. We liggen ten slotte ook op een geologische dijk van Karstgesteente van 1.000m hoogte. Daarna haal ik mijn schouders op en val ik in slaap.
Zo frustrerend en natuurgetrouw als ik de scene beschrijf, zo weinig frustratie heb ik mezelf tijdens de scene toegestaan. Ook nu, tijdens het plakken, ben ik nog het meest enthousiast over het vernuft van het meegeleverde tubetje lijm en de patches van het technische lichtgewicht weefsel dat Mammut heeft ontwikkeld om luchtbedden van te maken. De reparatie loopt voorspoedig, en na twee uur drogen blaas ik mijn luchtbedje op en kan de nacht beginnen.
Nachtelijke initiatie
De baarmoederlijke nacht in een donkere en vochtige holte binnen in de aarde doet me ontwaken met een stevigheid die ik niet per se had verwacht. Alsof ik door iets heel ouds binnen te dringen, zelf toestemming heb gegeven om me te laten doordringen door iets heel ouds. Een eerlijke deal. Deze ervaring is niet nieuw. Elke keer als ik de drempel neem om mijn minimalistisch volgestopte backpack op te hijsen en mezelf zonder opsmuk onderdompel in de oorspronkelijke tuin die moeder Aarde voor ons heeft gemaakt, voel ik dat ik opgroei.
Eerder had ik geen taal voor dat subtiele, maar doordringende gevoel. Vorig jaar bracht een podcastaflevering me in contact met het werk van dieptepsycholoog, zielsspecialist en natuurretraite begeleider Bill Plotkin. Plotkin leert me dat elk stadium van de ontwikkelingspsychologie zowel een cultuur- als een natuurpoot kent. En dat onze Westerse ontwikkeling, met onze nadruk op de cultuurkant van het opgroeien, enigszins hinkelen blijft. Door deze onevenwichtige vorm van grootbrengen, is zijn voorzichtige schatting, blijft echte volwassenheid voor een grote meerderheid van onze maatschappij een onbereikbaar doel. Niet alleen is dat jammer voor de individuele leden van een maatschappij, die meestal in een adolescent ontwikkelingsstadium blijven steken en niet hun volledige potentieel omarmen. Ook is dit een plausibele verklaring waarom we zo achteloos omgaan met de wereld om ons heen. Want het vraagt een volwassen bewustzijn om je ego ten dienste te stellen aan je ziel, en daarmee aan de meer-dan-menselijke wereld om ons heen. Tot die tijd blijven we jachtig de innerlijk gevoelde leegte opvullen met afleiding en spullen (Weller). Niet alleen kan ik nu zijn woorden beter op waarde schatten, ook kan ik voelen hoeveel vollediger de gecombineerde ervaring van schaduwwerk in een natuurlijke setting mij maakt.
Opgroeien is daarmee een pad van opeenvolgende initiaties, zoals ook psychotherapeut Francis Weller beschrijft. Initiaties waarin er iets sterft en iets anders wordt geboren. Doorlopen we deze niet bewust, dan dringt het leven ze aan ons op in de vorm van potentieel emancipatoire tegenslag.
Draagkracht in volwassenwording
Bij het doorleven van de initiaties op ons pad is de draagkracht van een community van groot belang (Weller). Zodat je na je beproeving als herboren weer kan worden ontvangen en opgenomen door ‘het dorp’. Maar ditmaal in je nieuwe hoedanigheid. Gebeurt dit niet, dan is de kans dat de initiatie niet volledig doorlopen wordt groot. Je blijft dan hangen in een onvolledige versie van wie je hebt te zijn.
Dat maakt het samen beleven van deze ervaring, elk op ons eigen manier, mede zo waardevol. De interactie zorgt voor draagkracht. Meer dan in een zuiver therapeutische setting, waarin je na de sessie weer buiten de deur staat. En belangrijker: er weer alleen voor staat. Het contrast vervult de functie van een weefsel van haaks op elkaar gewoven draden. Contrast in de uiteenlopende ervaringen (donker, licht; beweging, stilte; hoogte, diepte; alleen, samen), contrast in het samenbrengen van de perspectieven. En juist deze haakse verweving geeft de stof haar kracht.
Meermaals verheugen we ons daarom om deze ervaring met meer mensen te delen. Niet als ‘the-next-big-thing’ van onze illusoire zucht naar vooruitgang. Maar als het oorspronkelijke geschenk dat we verloren hebben laten gaan (Kingsley).
Frustratie als elder
Of ik deze stevigheid zal kunnen meenemen naar mijn dagelijkse leven zal nog moeten blijken. Maar inmiddels heb ik genoeg ervaring om te weten dat wat in het donker gezien mag worden, geleidelijk zijn weg zal vinden naar mijn bewuste leven. Iets dat gezien is, kan niet meer worden ontzien.
Eenmaal terug thuis, lopen mijn gesprekken anders. Ik voel minder snel de neiging om ‘over te steken’ als er spanning voelbaar wordt in de interactie. Het ongemak dat ontstaat schreeuwt minder hard om een oplossing. Frustratie is langzaam uit zijn schaduw aan het komen, en ontpopt zich als een waardevolle elder.



